Studenten richten Landelijk Overleg Studentenhuurders op

134
Landelijk Overleg Studentenhuurders

Studenten in verschillende studentensteden slaan de handen ineen. Om hun belangen te behartigen hebben zij het Landelijk Overleg Studentenhuurders (LOS) opgericht.

Het Landelijk Overleg Studentenhuurders bestaat uit lokale studentenhuurdersorganisaties met een achterban in dertien studentensteden. LOS wil op landelijk niveau een vuist maken voor meer betaalbare en goede studentenhuisvesting.

Meer kamers nodig

‘De opdracht waar we voor staan is groot’, zegt Daan Roovers. ‘Het wordt voor studenten steeds moeilijker om woonruimte te vinden. De afgelopen jaren zijn de wachttijden voor een kamer zo snel toegenomen dat je in sommige steden als student pas in je derde jaar op kamers kan.’

LOS wil dat de overheid onzelfstandige huisvesting aantrekkelijker maakt voor corporaties. ‘Het woonbeleid voor studentenhuisvesting kan en moet beter’, vindt Roovers. ‘De komende jaren moeten er veel meer kamers worden gebouwd om te zorgen dat studenten geschikte woonruimte kunnen vinden.’

Onredelijke voorwaarden

De stijgende druk op de woningmarkt maakt jongeren kwetsbaar voor uitbuiting door huisjesmelkers en private verhuurders. ‘LOS maakt zich hard voor een versterking van de rechtspositie van studentenhuurders’, zegt Daan Roovers, ‘Het kan niet zo zijn dat studenten zich door het woningtekort gedwongen voelen akkoord te gaan met onredelijke huurvoorwaarden of veel te hoge servicekosten.’

Bij het LOS zijn tien huurdersorganisaties aangesloten die gezamenlijk ruim 93.000 huurders vertegenwoordigen, waarvan 67.000 studenten. Het LOS wordt ondersteund door de Woonbond, de landelijke belangenbehartiger van huurders en woningzoekenden.

Hoewel de huren in het eerste kwartaal van dit jaar gemiddeld iets zijn gedaald, is er nog steeds veel vraag naar huurwoningen. Er zijn veel te weinig betaalbare studentenkamers, waardoor op kamers wonen tijdens de studie weer een luxe wordt, vindt de Woonbond. Meer studenten blijven bij hun ouders wonen. Wie wel uit huis gaat huurt vaker dan vroeger een studio met eigen voorzieningen in plaats van een kamer.