Jongeren tot 25 jaar kopen veel minder huizen, het opveren van de koopwoningmarkt is voor een groot deel te danken aan ouderen. Hoe ouder men is, hoe meer gekocht wordt, blijkt uit een analyse op basis van gegevens van het Kadaster.
Jongeren tot 25 jaar kopen sinds de opleving van de woningmarkt veel minder huizen dan ouderen. Hoe ouder men is, hoe meer gekocht wordt, blijkt uit een data-analyse van Cobouw op basis van gegevens van het Kadaster.
Het opveren van de koopwoningmarkt is voor een groot deel te danken aan ouderen. Alle leeftijdsgroepen kochten in het eerste halfjaar van 2016 minstens twee keer zoveel als tijdens het dieptepunt van de woningmarkt in 2013. Alleen in de leeftijd tot 25 jaar blijft de groei steken op 37 procent.
Steeds minder aandeel
Al langere tijd wordt de rol van de jongere op de koopwoningmarkt kleiner. In juli van dit jaar werd één op de tien huizen door een jongere gekocht. Begin 2010 was het koopaandeel van deze leeftijdsgroep nog één op vijf. Cobouw moet een verklaring voor de constatering schuldig blijven. ‘Een demografische verklaring is er in ieder geval niet. Het aantal 20- tot 25-jarigen is tussen 2006 en 2016 met 10 procent gegroeid.’
Financieën als verklaring
Dit voorjaar deed ABN Amro onderzoek onder jongeren tussen de 18 en 35 jaar, die serieus op zoek zijn naar een huis. Bijna één derde van de jongeren gaf aan de komende twee jaar geen huis te kunnen kopen, omdat ze nog geen geld hebben voor alle bijkomende kosten. Wellicht speelt deze situatie ook al in de laatste paar jaar.
Minder jongeren
Ook de ABN Amro signaleert een verkleining van het aandeel jongeren op de koopwoningmarkt. ‘Mede door de lage hypotheekrente is het aantal verkochte huizen fors toegenomen ten opzichte van 2010. Maar nog geen 50% hiervan zijn jongeren. In 2010 was dat nog 60%. De hypotheekrente is weliswaar laag, maar de regelgeving wordt steeds strenger. Je kunt in 2016 nog tot 102% van de waarde van je huis lenen, en dit gaat naar 100% in 2018. Stel dat je een huis koopt van 200.000 euro. Dan kan je dus maximaal 204.000 euro lenen (102% van 200.000). Met alle bijkomende kosten kom je al snel boven dit bedrag, en dit zal je zelf moeten betalen.’
Nog niet voldoende gespaard
Volgens de ABN Amro vormen vooral de 6 tot 8% meerkosten bovenop de koopprijs van het huis een probleem, zoals de overdrachtsbelasting, notariskosten en kosten voor hypotheekadvies. ‘Veel jongeren hebben nog geen tijd gehad om hiervoor te sparen. Meer dan de helft van de ouders is bereid hun kinderen financieel te helpen als dat mogelijk is, en een gedeelte van de jongeren vraagt hier ook om.’







