De inkomensafhankelijke huurverhoging heeft geen of nauwelijks effect bij de bestrijding van scheefwonen. Zelfs met de maximale huurverhoging is het voor veel huurders goedkoper om te blijven zitten, dan door te stromen naar een duurdere huur- of koopwoning.
De inkomensafhankelijke huurverhoging heeft geen of nauwelijks effect bij de bestrijding van scheefwonen. Zelfs met de maximale huurverhoging is het voor veel huurders goedkoper om te blijven zitten, dan door te stromen naar een duurdere huur- of koopwoning. Dit blijkt uit onderzoek van Kantar TNS in opdracht van ING Economisch Bureau.
Het overgrote deel (84%) van de huurders met een hoger jaarinkomen (boven de €40.349) zegt dat de huurverhogingen van de laatste jaren geen invloed hebben gehad op hun verhuisgedrag. De overige 16% denkt vanwege de hogere huurprijs wel vaker na over verhuizen dan voorheen.
Vrije sector
Eén van de grootste problemen op de Nederlandse woningmarkt is het gebrek aan betaalbare woningen op de vrije huurmarkt. Het aanbod in dat segment is in veel regio’s beperkt en verhuurders hanteren forse inkomenseisen. Overheidsprikkels om ‘scheefwoners’ op de sociale huurmarkt richting die vrije markt te sturen, blijken daarom niet te werken.
Maximale huurverhoging betaalbaarder
Een huurwoning in de vrije sector kost al gauw €1000 in de maand. Een corporatiehuurder die nu €700 aan huur betaalt, is pas na tien jaar van maximale huurverhogingen (4% plus inflatie) goedkoper uit wanneer hij verhuist naar zo’n duurdere woning, zo rekenen de onderzoekers voor.
Verandering van inkomen heeft een veel kleinere invloed op verhuisgedrag dan zogenoemde ‘life events’, zoals het krijgen van kinderen of een baan in een andere stad. Dit geldt vooral voor jongere scheefwoners en voor scheefwonende 35-plussers, die minder prikkels hebben om te verkassen. Oudere scheefwoners verhuizen niet. Zij zien op tegen een grote verandering in hun leven, wat verhuizen nu eenmaal is. Deze categorie woont in veel gevallen al heel lang in de sociale huurwoning en is gehecht aan de buurt. Ze zijn honkvast en zullen niet zomaar bewegen als gevolg van een huurverhoging, aldus de onderzoekers.
Inkomen te laag voor koopwoning
Scheefwoners hebben te weinig alternatieven, concluderen de onderzoekers. “Velen van hen wonen in gespannen markten, zoals de grote steden in de Randstad. Voor een koopwoning komen zij vaak niet in aanmerking omdat hun inkomen te laag of te fluctuerend is door een flexibel arbeidscontract.”
Te weinig spaargeld
Bovendien moeten ze meer spaargeld meebrengen om te kunnen kopen dan vroeger. Maar huurders sparen relatief weinig. Jonge huurders willen vaak graag een koopwoning hebben, maar deze groep heeft vaak weinig spaargeld. En dat is nodig om de aankoopkosten van een woningen mede te kunnen financieren.
Te weinig aanbod van huurwoningen op de vrije markt
Het lijkt er dus op of er aan andere knoppen gedraaid moet gaan worden, om echt verandering te brengen op de Nederlandse woningmarkt. Eén van de belangrijkste opties daarbij is vergroting van het aanbod van woningen op de vrije huurmarkt. Want dat aandeel is relatief laag in Nederland.
Bron: ING







