Gemeentelijke grondprijzen voor woningbouwlocaties stijgen in 2019 gemiddeld 2,5%. Deze stijging is veel lager dan de gemiddelde prijsstijging van woningen. Dit blijkt uit de ‘benchmark gemeentelijke grondprijzen 2018-2019’, uitgevoerd door Stec Groep.
Gemeentelijke grondprijzen voor woningbouwlocaties stijgen in 2019 gemiddeld 2,5%. Deze stijging is veel lager dan de gemiddelde prijsstijging van woningen. Dit blijkt uit de ‘benchmark gemeentelijke grondprijzen 2018-2019’, uitgevoerd door Stec Groep.
Een derde van alle gemeenten (124) deed mee aan de benchmark. 70% daarvan verwacht een stijging van hun grondprijzen voor woningbouw, maar de stijging blijft in grofweg 40% van alle gemeenten beperkt tot de genoemde 2,5%. Verrassend, omdat de gemiddelde prijsstijging van woningen circa 6 tot 8% bedraagt. Een groot deel van deze prijsstijging gaat echter naar de bouwkostenkolom: sterk gestegen materiaalkosten en loonkosten.
Prijsbepaling residueel
Voor de prijsbepaling van woningbouwgrond gebruikt 72% van de gemeenten de residuele methode. Hiermee wordt de waarde van de grond berekend door de verkoopopbrengst van woningen te verminderen met de stichtingskosten van die woning. De waarde die overblijft is het residu.
Vaak gaat dit in combinatie met een andere methode zoals het inschakelen van een onafhankelijk adviseur of de comparatieve methode. Doordat veel gemeenten de residuele methode toepassen, vinden zij de eigen grondprijzen voor woningbouw marktconform.
Actief grond aankopen risicovol
Uit het rapport blijkt ook dat, ondanks de overkokende woningmarkt, slechts 30% van de gemeenten actief grondbeleid voert. Van de gemeenten die dit wel doen, koopt een deel nu (weer) grond aan. Hieraan zijn in de huidige markt echter niet alleen financiële risico’s verbonden, het is ook niet altijd de beste versnellingsmethode.
Gemeenten verwachten voordelen als meer regie en een aantrekkelijk rendement op de grondexploitatie. Volgens Stec blijkt dit laatste echter nauwelijks het geval als gemeenten nu, ‘op het hoogtepunt van de markt’, instappen.
Bron: Stec Groep







