Overheidsmaatregelen huizenmarkt helpen starters
Afschaffing overdrachtsbelasting biedt jonge starters meer kansen. Foto: Rodnae Productions, Pexels

De overheidsmaatregelen om investeerders te weren van de huizenmarkt hebben effect. In 2021 kochten investeerders veel minder woningen dan in het jaar ervoor. Koopstarters kochten juist meer.

Dat blijkt uit onderzoek van het Kadaster naar koopstarters, kleine investeerders (met maximaal 4 woningen) en andere investeerders in de periode 2010 tot en met 2021.

Sinds 1 januari 2021 is de overdrachtsbelasting aangepast, met als doel jonge starters meer kansen te bieden op de woningmarkt. De belasting werd verhoogd naar 8% voor woningen die bedoeld zijn als investering. Voor kopers boven de 35 jaar die een woning kopen om er zelf in te wonen, bleef hij 2%. Kopers onder de 35 jaar betalen geen overdrachtsbelasting meer. Sinds 1 april 2021 geldt aanvullend dat de woning dan niet duurder mag zijn dan € 400.000.

Tekst loopt door onder de afbeelding

© Kadaster

De maatregelen blijken effect te hebben. Het aantal woningen aangekocht door investeerders verdubbelde tussen 2010 en 2020 naar 88.000. Het aantal aankopen bereikte eind 2020 een piek, maar daalde vervolgens in 2021. Uiteindelijk kochten investeerder vorig jaar minder woningen dan in de 6 jaren ervoor: 51.000.

Kleine investeerders

Een subgroep, de kleine investeerders met maximaal 4 woningen in bezit, vormt de belangrijkste concurrent van de koopstarters. Hun woningaandeel werd 4 keer zo groot tussen 2010 en 2020. Maar ook kleine investeerders kochten in 2021 veel minder dan in de jaren ervoor, namelijk 6.500 woningen.

Dit gaf ruimte aan de koopstarters. Zij kochten in 2021 beduidend meer woningen dan in 2020: 80.000. De verwachting is dat het aantal aankopen door investeerders voorlopig laag blijft, ook al omdat sinds begin dit jaar steeds meer gemeenten opkoopbescherming invoeren.