In heel 2015 zullen naar verwachting tussen de 160 en 180 duizend woningen van eigenaar wisselen. Dit aantal zal in 2016 verder stijgen naar 165 tot 185 duizend verkopen. Dat schrijven economen van de Rabobank in hun vandaag verschenen Kwartaalbericht Woningmarkt.
Het gaat aanmerkelijk beter met de Nederlandse economie, die dit jaar sterk begon, licht woningmarkteconoom Pieter van Dalen van de Rabobank toe. Voor de woningmarkt is het goed dat de werkgelegenheid aantrekt en het besteedbare inkomen verder stijgt. Ook de lage hypotheekrente en het hogere consumentenvertrouwen zijn redenen waarom we een verdere groei verwachten.
Negatief versus positief
Toch zijn er volgens Van Dalen ook factoren die een al te uitbundige groei van de Nederlandse koopwoningmarkt in de weg staan. Stimuleringsmaatregelen zoals de schenkingsvrijstelling zijn beperkt en huishoudens kunnen ten opzichte van hun inkomen minder lenen dan voorheen. Maar deze negatieve factoren zijn minder sterk dan de positieve factoren, waardoor we al met al een gematigde verdere groei van de woningmarkt verwachten voor dit en komend jaar.
Amsterdam en Utrecht
Hoewel de regionale verschillen in ons land groot zijn, ziet de Rabo-econoom alle provincies profiteren van de groei op de woningmarkt. Van Dalen: Dat komt vooral doordat de hypotheekrente geen regionale verschillen kent. De inkomensontwikkeling en het vertrouwen in de economie verschillen ook niet sterk per regio. Wel zien we een bovengemiddelde prijsstijging in Noord-Holland en Utrecht. De steden Amsterdam en Utrecht spelen daarin een grote rol.
Hypotheekrente
De totale uitstaande hypotheekschuld is in 2014 met 1 miljard euro gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. Onze verwachting is dat deze in 2015 en 2016 weer zal stijgen, mede door een verwachte toename van de nieuwe verstrekkingen. Daarbij is het wel te verwachten dat de extra aflossingen op hypotheken ook in 2015 relatief hoog zullen zijn, mede door de lage rentes. Wij verwachten dat de gemiddelde hypotheekrente dit en volgend jaar laag zal blijven, onder andere door het kwantitatieve verruimingsprogramma van de ECB.
Bron: Rabobank







