kabinet Rutte IV
De nieuwe ministers en staatssecretarissen nadat zij ten overstaan van de Koning beëdigd zijn in de Grote Balzaal van Paleis Noordeinde. Foto: Valerie Kuypers/Rijksoverheid

Maandag 10 januari is het kabinet Rutte IV gepresenteerd. Hoe zijn de verwachtingen in de sector? Diverse partijen en specialisten in de woningmarkt geven hun visie.

Op de dag van de bordesscene wendt Van Bruggen Adviesgroep zich tot de nieuwe minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO). De franchiseketen roept Hugo de Jonge in een open brief op om meer rekening te houden met de veranderende woonbehoeften. De toenemende senioriteit van de bevolking leidt tot andere woonbehoeften.

Om de brief kracht bij te zetten gaf Van Bruggen Adviesgroep de kersverse minister een paar Crocs met zebraprint cadeau. Met het idee: meer voorrang voor senioren.

Gevaar van een nieuw structureel probleem

Van Bruggen Adviesgroep vreest dat als de nieuwe minister in zijn woonbeleid daar niet nadrukkelijk rekening mee houdt, er een nieuw probleem ontstaat. De woningnood is dan misschien opgelost, maar er ontstaat een woningmarkt die niet aansluit bij de wensen van een belangrijk en groeiende groep van de bevolking.

De groep Nederlanders tussen de 75 tot 85 jaar en 85 jaar en ouder dijt de komende decennia flink uit. Trek je de verschuiving bij 65-plussers van de afgelopen tien jaar door naar 2030, dan is er een extra behoefte aan ongeveer 400.000 extra woningen voor deze groep, schrijft Van Bruggen Adviesgroep. Voor de periode 2030-2040 komen daar nog eens 200.000 benodigde woningen bij.

Beluister ook het interview in ‘Geld of je Leven’ op Radio1 met Marja Elsinga, hoogleraar woonbeleid van de TU Delft en met hoogleraar economie Bas Jacobs.

Doorstroming op de woningmarkt

Een goed woonbeleid dat méér dan in de huidige plannen rekening houdt met de stijgende senioriteit, zorgt voor meer doorstroming op de woningmarkt. Zaak is om eerst de woonbehoeften van senioren met een onderzoek in kaart te brengen. Een mogelijke oplossing is volgens Van Bruggen Adviesgroep onder andere het ombouwen van kantoorpanden tot communities.

“De minister moet boven de partijen uitstijgen en gemeentes en provincies verleiden of dwingen tot actie”

Voorzitter WoningbouwersNL Piet Adema

Vastgoed Belang: nieuwbouw hopelijk sneller

Vastgoed Belang is blij met de komst van een minister voor VRO, “omdat die er hopelijk voor gaat zorgen dat de nieuwbouw van woningen sneller gaat”. Tevreden is de vereniging van particuliere verhuurders ook met de inspanningen gericht op verdere verduurzaming van de gebouwde omgeving. Ten derde met de uitspraak dat woningbeleggingen die bijdragen aan pensioenen en arbeidsongeschiktheidsvoorzieningen, rendabel moeten blijven. Daarbij is ook van belang dat de verhuurderheffing volledig wordt afgeschaft, aldus Vastgoed Belang.

Geen visie op ruimte en wonen

Hoewel deze punten goed nieuws zijn, schept het coalitieakkoord volgens Vastgoed Belang meer onduidelijkheid dan dat het duidelijk maakt. Dat komt mede door het feit dat het nog steeds ontbreekt aan een omgevings- en woningmarktvisie voor de lange termijn.

WoningBouwersNL: waken voor langere discussies

Voorzitter WoningBouwersNL Piet Adema: “We zijn blij met een landelijke regisseur en als De Jonge dezelfde energie steekt in de wooncrisis als hij in de coronacrisis gestoken heeft, dan hebben we er alle vertrouwen in dat er belangrijke stappen gezet worden. Wij hebben daar goede ideeën voor en zijn bereid om dat ook op korte termijn met de minister te bespreken.”

Hoewel dus een landelijke regisseur zeker wenselijk is bij een wooncrisis, is dat nog geen garantie voor een oplossing: Adema: “Hoewel De Jonge daadkrachtig is, zal het nog een hele toer worden om de beloften uit het regeerakkoord op het gebied van de wooncrisis in te lossen. Daarvoor is het nodig dat overheden, corporaties en de markt samen de schouders eronder zetten.”

Met een aparte minister voor Wonen wordt afscheid genomen van een 10-jarig beleid waarin vooral decentraal beslissingen werden genomen over nieuwbouw. Adema: “Hoewel er lokaal hele goede voorbeelden zijn van een sterk functionerende overheid, heeft de lappendeken aan beleid het tempo uit het aanzuiveren van de woningvoorraad gehaald. We zijn blij dat een nieuwe minister bij overlappende verantwoordelijkheden snel een knoop kan doorhakken.”

Adema: “Het is nu noodzaak dat er geen nieuwe discussies komen. De minister moet boven de partijen uitstijgen en gemeentes en provincies verleiden of dwingen tot actie. Hoe dan ook, het aanbod moet snel vergroot worden, want deze crisis verstrekt de ongelijkheid en trekt een wissel op de komende generatie.”

Peter Boelhouwer: ‘Tijd van kopjes thee drinken is voorbij’

Hoogleraar Housing Systems aan de TU Delft Peter Boelhouwer zegt op Stadszaken.nl: “Wat mij betreft breidt de nieuwe minister de monitoring van de voorgenomen woningbouwproductie uit. Dus niet alleen een niet gecontroleerde opgave van de gemeenten en regio’s, maar een landdekkende onderbouwing waar per locatie wordt aangeven wat de exacte planning is en welke verplichte stappen, procedures en hobbels hier nog voor te nemen zijn. Mochten gemeenten en provincies hier niet aan willen meewerken, dan kan de minister deze ontwikkeling in het kader van de Wet ruimtelijke ordening zelf ter hand nemen. De tijd van kopjes thee drinken en convenanten zonder geld en consequenties is wat mij betreft voorbij.”

Lees in Vastgoed 1 een uitgebreid interview met Peter Boelhouwer

Johan Conijn: ‘Snel duidelijkheid nodig over betaalbare nieuwbouw’

Emeritus hoogleraar woningmarkt aan de UvA Johan Conijn zegt op Stadszaken dat snel duidelijkheid over koopstarters nodig is. “Het Coalitieakkoord bevat enkele passages over de wens om meer betaalbare woningen te realiseren, waaronder woningen voor koopstarters. Zo dient twee derde van de nieuwbouw betaalbaar te zijn: huurwoningen tot € 1.000 per maand en koopwoningen tot de Nationale Hypotheek Garantie-kostengrens van €355.000. Maar een koopwoning van €355.000 is voor veel koopstarters helemaal niet betaalbaar. Zonder eigen geld is daarvoor een inkomen van bijna € 80.000 nodig.”

Hij vervolgt: “Voor de hand ligt dat bij volgende tranches van de Woningbouwimpuls de eis van betaalbare nieuwbouw wordt verhoogd van 50 naar 67%. Daarmee zijn de bestaande plannen echter niet aangepast. Als de nieuwe minister in zijn kabinetsperiode wil bewerkstelligen dat tweede derde betaalbaar is, dan moet hij snel zijn.